Strandbeton
Een dagje kust
Zon, zee en strand
Ik ben niet alleen
Eb ruimt plaats
Een dagje aan zee
De hemel houdt de zon strak
De zee stuurt kalme wateren
Strand is zand dat een naam draagt
Oostende voor een dag
De zon legt de stad in de watten
De zee stuurt bevriende golven
Zand legt het aan met beton
Ik snak naar het einde van de zee
Ik ben een roodhuid geworden
Huidcellen hebben het leven gelaten
Had ik beton maar geloofd
Reizen & vakanties
Koffers pakken, onderweg zijn, thuiskomen met verhalen: reizen is poëzie in beweging. Hier vind je gedichten over vakantie en verre reizen: van camping in Frankrijk tot rugzak in Azië, en het heimwee-achtige gevoel als het weer voorbij is.
Thuisglamping
Achteraan een tentje
In de aanbieding bij Decathlon
Blauw zoals de lucht
Met de rug naar de wind
Kamperen achter mijn huis
Mijn vader zaliger verklaart me gek
Ik ga op vakantie naar mezelf
Goedkoop en praktisch — geen files
Mijn verlof breekt aan
Deze keer iets met veel groen
Mijn gazon heeft de regen gesmaakt
Onder de boom schaduw op een presenteerblaadje
Out of office is ingesteld
Een muur tussen mij en andere kampeerders
Ik hoor ze praten — het zijn landgenoten
Op reis wil ik met rust gelaten worden
Met vakantie is tot rust komen
Zonder internetverbinding
De krant blijft op mijn thuisadres
Geen nieuws van het thuisfront
Campingtoilet in de woning
Met bijhorend sanitairgebouw
De keuken is uitgerust voor warm eten
Ik pik op tv iets mee van de Tour
Het best bewaarde geheim van de straat
Viersterrenscore op Trustpilot
Misschien beter niet — wil nog terugkomen
Mijn droomvakantie
Fuerteventura
Sterke wind is je naam
Hierover tref je geen blaam
Eens een vulkaan
Altijd een vulkaan
Wind heeft er vrijspel
Voor zonaanbidders een kwel
Maan landschap zou ook een toepasselijke naam zijn
Ongerept is je landschap rein
Schapen grazen tussen de lava resten
Of dit bioboeren zijn valt nog te beslechten
De menselijke voetafdruk zal je raken
Snelwegen zijn het maan landschap aan het vermaken
Vliegtuigen landen op de lava baan
Om toeristen hun gang te laten gaan
Golfbrekers laten de oceaan stranden
Om uitgeblust te verzanden
De palmboom staat verdwaasd te kijken
Zonder druppelslang zal hij bezwijken
Sterke wind zal eens worden gekeerd
Wanneer palmbomen de wind pareert.
— Trijan
Puerto Banus
Porsches zijn er heel gewoon,
Extra gassen zonder hoon,
Exorbitante jachten op een rij,
Voor plezierboten gaan zij niet op zij,
Uitstraling wordt door geld bepaald,
Voor àlles wordt duur betaald,
Nederlands lijkt een tweede taal,
Na tienen maken zij flink kabaal,
Migranten lopen met hun nep waar te leuren,
Zo kunnen zij wat inkomsten beuren,
The old town laat zien hoe het is geweest,
Een visvangst was een feest,
De invalide loopt met een collectebak rond,
Onverschilligen snoert hij de mond,
Religie was een bindende factor,
Aan de hogere macht gaf een ieder gehoor,
De geest laat ons hier reflecteren,
Wat moeten wij het meeste eren,
Niets kan innerlijk geluk overstijgen,
Zoek hoe je dit kan krijgen.
— Trijan
20.000 uren onder zee
Stil stil stil stil
De ruimte schiet weg
over het panoramaraam
Nevels om onze spiraalduik
terug de oceaan in, Captain Colin
zweeft ons door echo's van leven
signalen in de ronde salon
20.000 uur is ver, we liggen
op zakken, drinken uit kristal
en leven in eeuwigheid
Nieuws is er niet
Het meisje van twee
wijst de zeesterren aan
haar zusje slaapt
in mama's schoot
De sonar loodst ons
langs diep gestemde schimmen
in de zoeklichten, het troebele duister
van de maanloze nacht en ontij
tot we aanspoelen in een fjord
— Zyw Zywa
HEEN... TERUG?
Een kleine kustvaarder verlaat de zee,
gaat de Rijn op, vertraagt vaart, kijkt voldaan
naar weiden, waar nieuwsgierige koeien staan,
verschrikt plaagzuchtig het drinkende vee.
De rivierstroom valt aan, maar laat zich gedwee
om de boeg splijten, door de schroef verslaan.
Heuvels ontvangen blij; het schip legt aan
bij een rotswand: voor enige dagen zijn stee.
Zwitserlands Bazel is eindbestemming.
Het vaartuig wordt verlicht, langzaam leeggehaald,
diens denken is een vragende wenteling:
"Wat heb ik mijzelf tijdens de reis verhaald?
Schenkt nauw vaarwater rijke ontdekking?
Wenkt wijdte nog, die onder sterren straalt?"
Madeira
Transitie laat je kleur bekennen
Na een halve eeuw was het even wennen
Rotsvast de eigen cultuur verdedigd
Waar fado je ziel heeft gebezigd
Ontgroening heb je dapper doorstaan
Bomen bleven fier staan
Levadas Leiden je door het groene woud
Neveninkomsten zijn het goud
Je natuur kent maar een seizoen
Voor een bloemeneiland is dit goed te doen
Cannabis shops winnen terrein
De bijbehorende zwervers zien doet pijn
In de hoofdstraat liggen zij op een rij
Het beeld maakt je niet blij
Hotelreuzen vechten om het laatste stukje zeezicht
De plantagehouders zijn nog niet gezwicht
Een vijf sterren parade die je zicht verblindt
Toch een eiland met een frisse zeewind
De nieuwe rijkdom is nog niet overal geaard
Toch is madeira de moeite waard.
— Trijan
Giethoorn
De magneet van het noorden,
een inkijk in toen, de norm was fatsoen,
we hunkeren naar deze woorden.
Filevaren door de grachten,
fluisterend over het water, door de file ben je iets later,
restaurants zullen geduldig wachten.
Een smeltkroes van culturen,
een dorp dat mensen weet te binden, een vaarcultuur voor alle gezindten,
de gieterse punters wil iedereen besturen.
Locals hebben grenzen,
gemeentepaden stellen zij ter beschikking, hun brug beschermen zij als een viking,
een beetje privacy mag je wensen.
Het geheim is niet te ontcijferen,
verdraagzaamheid is ouderwets, een sausje commercie doet de rest,
het verleden levend houden dat is wat zij ijveren.
— Trijan
CHAUFFEUSE KARIN
De reisleidster
met manhaftig voorkomen
tilt zware koffers makkelijk
vult snel de laadruimtes
van de wachtende autobus
bestuurt deze met vaste hand
langs hoge steile helling
over diepe kloven
vertelt haar reizigers
luchtig ongedwongen
vol ruime kennis
van wat voorbij glijdt en straks komt
geeft weetgierigen voldoening
verzorgt de zakelijke plicht
rustig en volmaakt.
DOOR STEILTE OMRINGD
De helderblauwe hemel
laat lustig zijn tekenstift gaan
maakt de wolken onder hem
zuiver wit en loodgrijs
de voldane dampwerken
strelen donkergroene bergen
waartussen een groot meer
vereerd met de zingende naam
Lago Maggiore
vanuit heel de wereld
mensen naar zich toe haalt
een eigen heerschappij voert
over diens getrouwe
dienaars getij en weer
kleine puntige zeilen
deinen en glijden voort
op vreedzame golven
blazen vol blije eenvoud
klanken van vrijheid
op het Italiaanse
en Zwitserse water
laten broederschap waaien
langs alle oevers waar
puffende vreugdeschepen
hotels als paleizen
bloesemstruik en hoge palm
niets meer verlangen dan
het geborgen leven binnen
hun ingesloten wijdte.
GRILLIGE AARD
De spitse gebroken kies van Alpenland
toont zich trots op kleding, kaart en beeld,
is met wonderlijke zachte kracht bedeeld
van ver te wenken naar eigen witte wand.
Zijn ziel, steeds aan reislustigen verpand,
heeft een roepstem, geheimzinnig, zeer verdeeld:
"Mijn pracht is meer dan men zich verbeeldt;
waaghalzen, leidt nuchter je klimverstand."
De berg laat zijn sneeuwgloed dalen,
bevend verwijden in een helder meer,
wil voor boven- en onderwereld stralen.
De top haalt dikwijls wolken op zich neer:
die nieuwsgierige ogen weg halen!
Eigenzinnigheid: Matterhorns grote eer
Pieters' Raadselkwartier
Ergens tussen tent en tak
tussen muggenspray en afwasbak
daar gonst het brein, daar kraakt het kind
het is waar het grote denken begint.
Geen som of saaie schooltaak hier
maar Pieters fameuze Raadselkwartier!
Waar hersens zweten zonder gym
en de winst geen sticker is, maar glorie met een glim.
Pieter — de man met de zwembroek van wol,
met zinnen vol raadsels en verhalen vol lol
Hij duikt uit een stoel, met een knipoog en flair,
en roept: “Wat is rond, maar rolt niet? Kom maar op, wees een heer!”
Kinderen denken, ouders zwijgen,
opa’s beginnen te overdrijven.
“Vroeger,” zegt er één, “raadde ik raadsels in de oorlogstijd,
en gebruikte ik een knikker als satellietgids in de strijd.”
De camping valt stil, een egel tikt mee,
een cavia droomt van een Gouden Trofee.
Er wordt gespeculeerd, gegokt en gelachen,
sommigen proberen zelfs hun sokken te verzachten.
Maar onder de grap, het geratel, het spel,
schuilt iets dat je niet zomaar vertelt:
dat denken mag schuren, verwarren, verrassen —
dat je soms meer leert bij een kampvuurtje dan in honderd klassen.
Want wie leert zoeken, leert soms ook vinden,
en niet alleen muggen of kruipende kinderen.
Maar woorden en werelden, ideeën met zwier —
dankzij het wonder van het Raadselkwartier.
Dus buig je hoofd, maar houd je hart open,
denk groot, durf dom, laat je gedachten niet slopen.
Want wie weet wat er groeit onder zon en plezier —
in het knotsgekke rijk van Pieters Raadselkwartier.
Puerto de Mogan
El Puerto ontwaakt
na de nachtelijke zondes, de zon brandt
schoon genoeg wat abject is geraakt.
Bill boards worden opgelapt
het onderscheidend vermogen ontbreekt, schreeuwt om toeristen
zodat de aandacht niet verslapt.
De glimlach wordt denkbeeldig geoefend
om de toerist te verleiden, na veel glimlachen
probeert de toerist hem te vermijden.
In de haven wil iedereen je in de boot nemen
voor een unieke ervaring, de onvoorspelbare oceaan
is niet altijd met de mensheid begaan.
De toerist schuift zijn gordijn een beetje open
om het voorspelbare te gewaarworden, geen vuiltje aan de lucht
op zijn strandbedje slaakt hij een zucht.
— Trijan
Skiën in het Vorarlgebergte
hoog in de bergen, wit en wijds
waar Egg in sneeuwpracht is verscholen
roept de Vorarlberg met lonkende piste
een wereld van wintersport in zonlicht
met scherpe latten door poedersneeuw
langs dennen, stil en hemels mooi
de kou die bijt, de wind die fluistert
een snelle afdaling vol met bochten
de stoeltjeslift klimt, een korte rust
boven wacht een nieuwe uitdaging
een sprong, een draai, sneeuw verstuift
het hart dat vrijheid huist, klopt stuimig
als de zon dan de hemel kleurt
fleurt de après-ski in het dal
daar proost ik warm, voldaan, tevreden
op Vorarlberg en op Egg in de sneeuw
Trollstigen
langs steile paden, in mist gehuld
waar echo’s bergen fluisteren
sluipen trollen in schemerlicht
hun ogen fonk’lend, hun grijns gericht
ze lokken reizigers, trots en stout
met fluisterstemmen koud en fout
“Kom dichterbij, wees niet bevreesd,
wij kennen de weg, wees onbevreesd.”
doch wie hun listig spel niet kent
wordt in de nacht als prooi gevangen
een misstap op het gladde pad
en ‘t duister slokt je zonder pardon
geen sterveling ontsnapt aan hen
niemand keert ooit hier weerom
de Trollstigen blijft eeuwig verhalen
van trollenleed door reizigers ervaren
Een gedicht over vakantie wordt het hele jaar door gezocht, en om heel verschillende redenen. In juni voor het vakantieboekje van school of een bon-voyagekaartje voor collega’s. In augustus voor bij de vakantiefoto’s: een paar goede regels maken van een fotoboek een reisverslag. En in de donkere maanden vooral als tegengif: even terug naar dat terras, die bergpas, die eindeloze middag aan zee.
Onderweg zijn als levenskunst
De dichters hier schrijven over alle soorten reizen. Het georganiseerde geluk van de camping, waar de buurman met zijn krant net zo bij het uitzicht hoort als de bergen. De grote reis die je wereldbeeld kantelt. De file op de route du soleil, bezongen met galgenhumor. En telkens weer dat ene inzicht: je neemt overal jezelf mee, en juist daarom verandert reizen je. Wie het zomergevoel zoekt, vindt meer bij de zomergedichten; over eindeloze stranden en golven gaan de gedichten over de zee, en wie van specifieke bestemmingen houdt, kan grasduinen in landen en steden.
Heb jij onderweg weleens een gedicht in je opschrijfboekje gekrabbeld? Pak het erbij en plaats het — vakantieherinneringen zijn er om gedeeld te worden.