ik wil het maar de angst is de groot
een diepe zucht,een laatste blik.
Sluit ik mijn ogen,
en bid.
Dan open ik me ogen,
en laat alle angst wegwaaien.
Ik neem de sprong,
de sprong in het diepe.
Ik voel het water mij omhelzen,
maar ook gelijk verwoesten.
IJzige steken,
van haat en kou.
Ik kom boven,
en adem diep.
De angst is terug,
en veroverd me gauw.
Dan zwem ik naar de kant,
en leg me neer.
Niemand die me ziet,
en niemand die me hoort.
Lig ik te huilen,
zonder enig woord.
word ik gevonden,
en verzorgt.
Maar dan kijkt die in mijn ogen,
en ziet alles.
En pakt me beet,
en houd me stevig vast.
Ik probeer te ontsnappen,
dit wil ik niet.
Iemand die me omhelst,
dat hoort gewoon niet.
Dan geef ik het op,
en adem alles uit.
Met me ogen naar de lucht gericht,
gaat dit gedicht uit.
Mooi gedicht? Klik op het hartje — je like komt meteen bij je likes te staan.