In het stof van de wind
Pa, de week dat jij verdween
werd de lucht ineens een droge zee van stof.
Het leek alsof de tijd zelf over Capelle waaide,
een grauwe storm die alle kleur uit de straten blies.
Ik liep door kamers vol stilgevallen spullen,
Jouw bril, jouw pen, jouw jas die nog een schaduw draagt.
De wereld ging gewoon door, maar in mijn borst
woelde een storm die geen weerbericht ooit voorspelde.
Mensen kwamen als kleine karavanen,
met woorden, handen en flarden van jouw lach.
Ze zeiden dat het leven verder moest gaan,
maar hun zinnen klonken alsof ze door zand spraken.
Ik dacht aan al die keren dat jouw stem
mij door mijn eigen stormen heen loodste.
Jij wees nooit de weg met grote gebaren,
je stond gewoon naast me, als een lantaarn in stof.
Nu sta ik zelf in die oude stoffige wind,
en ik voel hoe jouw stilte achter mij meeloopt.
Elke stap die ik aarzelend naar voren zet
wordt lichter omdat jij, onzichtbaar, mee beweegt.
Pa, soms lijkt het of ik jou opnieuw ontmoet
in de korrelige lucht boven een lege straat,
in een zonnestraal die zich door alles heen bijt,
in het knarsen van mijn eigen stem als ik jouw naam zeg.
De wereld zegt “zo lang, het was goed om je te kennen”,
en ik fluister zacht: “zo lang, het was goed om jouw zoon te zijn.”
Deze stoffige oude stof vult mijn huis en mijn hoofd,
maar in elke korrel zit een stukje van jouw licht.
Als de storm ooit gaat liggen en de lucht weer helder is,
zal ik verder lopen, niet omdat ik jou vergeet,
maar omdat jij mij geleerd hebt in weer en wind
mijn eigen weg te vinden, met jouw handen in mijn rug.
Overlijdensgedichten
Als iemand er niet meer is, schieten woorden vaak tekort, en toch zoeken we ze. Deze overlijdensgedichten helpen je iets te zeggen bij een rouwkaart, een condoleance of een afscheid, wanneer het stil is en je toch iets wilt uitspreken.
Vanuit niets
In de doodse stilte
Klonk uit het niets van verre,
Met nauwlijks hoorbre woorden,
Heel zacht: ‘ik hou van jou’.
De woorden resoneerden
Liefkozend in mijn oren,
Wou dat eeuwig dure,
Jou zo in mij sloot.
De doodse stilte keert weder,
De resonantie stopt,
Het kozen komt ten einde,
Blijven doet het niet.
Ik ben een beetje jou
Ik ben een beetje van mezelf en een beetje van jou.
Al ben je al lang weg, weet dat ik veel van je houd.
Jij zult altijd bij mij zijn, want jij bent ik.
Soms denk ik je te zien, een seconde, moment of ogenblik.
Jij bent een deel van mij, waardoor jij verder leeft.
Al zie ik het niet meer, ik weet dat je nog steeds veel geeft.
Het gemis is niet minder geworden, maar wel draagbaar.
Gaandeweg met alle herinneringen die ik nu vergaar.
— L.J.
Hoopvol
6
De zon verwarmt mijn lijf,
Mijn hart is koud als ijs,
Sinds mijn lief mij verliet,
Alleen hier achterliet.
Zonnewarmte warmt jou niet,
En alleen mijn buitenkant,
Ontdooien van mijn hart
Lukt nog niet, maar ’k treur niet.
Toekomst nog in duister gehuld,
In schaduwen verborgen,
Vol met verwachtingen gevuld.
Wat mij wacht weet ik pas dan,
Als het tot mij komt,
En ijs in mijn hart smelten kan.
WIM T SCHIPPERS 1942-2026
jammer maar helaas
tis klaar met die baas
hij is Ernie meer
maar smeert nog één keer
Boijmans met pindakaas
— SJ©RS
Eeuwige liefde
Samen één willen zijn,
Vlinders voelen in m'n buik,
Dag en nacht met elkaar
Samen willen zijn.
Dat is de liefde ik zo mis,
Nu al meer dan zes jaren lang,
Ik zo zeer weer verlang,
Weer op tenen lopen van geluk.
Elkaars evenwicht zijn,
Als veertje zweven op de wolken,
Voelend dit gaat nooit stuk.
Dat is de liefde Ik zo zeer ontbeer,
Ik dacht ik eeuwig had,
Nooit, nooit voorbij zou gaan.
Te kort
In bed samen
Met z’n tweeën,
Dicht tegen elkaar,
Waren wij geen individuen,
Vormden wij een symbiotisch
Tot één in elkaar geschoven paar,
Dat duurde slechts vier jaar,
Een leven lang te kort,
Dat nooit meer
Voldoende
Wordt,
OPEN ZUYLEN
Een dag in het jaar mag wie dan ook schouwen
in Breda 's Begraafparks kamers en zalen,
terwijl men spijs geniet zonder betalen,
steeds op verkwikkende woorden mag bouwen.
In vertrekken van afscheid bij rouwen,
prijken kunstwerken, waren verhalen
over hen, die hun eind reeds moesten halen,
zich aan het Onbekende toevertrouwen.
Mensen mogen kiezen naar eigen aard:
als zonnestralen door geribbeld ijs
weerkaatsen wensen voor zijn of haar uitvaart.
Op schone, nimmer te betwisten wijs,
zeilt het denken naar het verlaten van d' Aard':
hier begint ieders laatste, grootste reis.
Ontbering
Mijn lijf ontbeert de liefde
Die is opgesloten in mijn hart.
In mijn dromen keert
Die ontbeerde liefde weer.
In mijn dromen is dat fijn,
Maar in het daaglijks leven
Altijd weer die pijn
Van de liefde die verdween.
Alleen nog stilte
Waar gister nog de rozen bloeiden,
Resteren slechts doornen,
Zonder geliefdes streling of kus.
Alleen de stilte heerst.
Waar gister ’t gras nog groen was,i
Is nu een dorre kale vlakte,
Geen woorden van liefde.
Alleen de stilte van ’t verse graf.
Tijd heelt alle wonden,
Vooralsnog overheerst alleen de pijn,
En zwijgende monden.
Vergeefs poog 'k te kijken naar voren,
Maar door de pijn in ’t heden,
Kan me te weinig daar nog bekoren.
Subjectief
Wijd is mijn blikveld
Van d’wereld ik overzie,
Eng is de ruimte ik in leef,
Ver in de hoogte is de hemel,
Waar mijn vriend dacht nu te zijn.
Vlakbij is de grond,
Waar mijn vriend nu in ligt.
Mijn leven is lang in vergelijk
Met een vlieg,
Alleen die komt hoger dan ik,
Dat blijft bij ’n sprongetje
Van nog geen meter.
Mijn geboorte verdwijnt achter mij,
In een ver verleden tijd,
Mijn dood komt elke dag naderbij,
Het duurt nog maar even,
En ik ben waar mijn vriend dacht,
Hij samen met dierbaren op mij wacht.
Twaalf jaar 9 mei 2026
Drieënveertig jaar deelden
We heel veel liefde
En een beetje leed,
Tot jij twaalf jaar her overleed.
Een vreselijke ziekte hield
Jou acht maanden in zijn greep,
Jouw lijden was ondraaglijk,
Het enige wat jou, ons nog restte,
Was onze liefde, die bleef.
Toch kwam je dood onverwacht,
Hadden nog steeds ’n beetje hoop
Op wat geluk voor ons samen.
Dat mocht helaas niet zo wezen,
Machines hielden je nog even,
Een paar dagen slechts, in leven,
Als je in coma ‘leven’ noemt.
Herinneringen aan ons verleden
Draag ik met mij mee,
Maken me tot op de dag van heden
Nog gelukkig en tevree.
Vaak wel
Ik slijt mijn levensdagen
Helemaal alleen,
Nadat jij op die dag in mei
Van mij verdween,
Mij alleen achterliet
Met mijn eenzame verdriet.
Ik weet, treuren helpt niet,
Daarom probeer ik
Weer van het leven te genieten,
Meestal lukt dat goed,
Maar soms, niet.
Foto’s van haar
Ik heb drie digitale fotolijstjes,
Met foto’s van mijn jeugd,
Van mijn vrouw en kinderen
En alles tot nu toe.
Ik kom mijn overleden vrouw
Daardoor vaak tegen.
Ik zeg dan tegen haar
Dag lieve schattebout Ik houd
Nog steeds van jou.
Het heeft niet zoveel zin
Toch blijf ik ’t steeds doen,
Ik weet niet waarom,
Want zij hoort me niet en zegt
Nooit iets terug.
Maar het voelt fijn,
Ze eventjes dicht bij me is,
Ik weer haar liefde voel,
Zo altijd bij me blijft.
Te delen liefde
‘t Voelt zo eenzaam zonder jou,
Na jij mij staan liet in de kou,
Zo maar in het niets verdween,
Mij achterliet veel te alleen.
De zon schijnt nog steeds,
Druiven nog even zoet als voorheen,
Alles lijkt pais en vreê,
Maar ik voel me zonder jou zo alleen.
De pil jij achterliet smaakt zo bitter,
Het leven is nu zwart,
Was voorheen met jou zoveel witter.
Nochtans is in mijn hart nog liefde,
Ik graag wil delen
Met die dit graag van mij bliefden.
Woorden als het stil wordt
Een gedicht bij een overlijden hoeft het verdriet niet op te lossen; het mag het alleen even vasthouden. Mensen zoeken zulke woorden voor een rouwkaart, een condoleanceregister of om ze zelf voor te dragen, iets wat zegt wat je voelt als je eigen zinnen tekortschieten. Soms is dat een klein vers, soms een langer gedicht dat een heel leven eert. Veel mensen kiezen bewust voor woorden van een medemens in plaats van een bekende dichtregel, omdat die dichter bij het eigen gevoel liggen.
Verlies heeft veel gezichten. Er zijn aparte woorden voor het verlies van een ouder, van een partner, en voor het afscheid zelf. Zoek je steun om verder te kunnen, kijk dan bij troost en bemoediging. Alle gedichten zijn geschreven door leden die het verlies vaak zelf kennen.
Heb je in je rouw ooit iets opgeschreven? Je mag het met ons delen. Misschien vindt een ander er precies de juiste woorden in.