Direct naar de inhoud

Advertentie

Gedichten over kinderen

283 zelfgeschreven gedichten · Schrijf je zelf? Plaats je gedicht

Kinderen zetten je wereld op zijn kop en leveren zo de mooiste poëzie op. Deze gedichten over kinderen gaan over kijken naar je kind of kleinkind: de eerste stapjes, de gekste uitspraken, het loslaten als ze groot worden.

Meest geliefd in Gedichten over kinderen

Weergave

Kinderen zijn zo raar!

Kinderen zijn zo raar,

die zien nergens gevaar.

Ze willen geen groente eten.

Ze ruiken aan hun eigen scheten.

Hun bulletjes eten ze dan weer wel.

Ze drukken zomaar op iemands bel.

Ze doen eigenlijk nooit gewoon normaal.

Ze maken bij alles ontzettend veel kabaal.

Ze kijken niet uit in het verkeer.

Ze willen geen middagdutjes meer.

Ze gaan overal rennend naartoe.

Ze zijn zogenaamd nooit moe.

Ze hebben slechts één lievelingskleur.

Ze vinden veilig doen gezeur.

Kinderen zijn zo raar…

Doe mij dan volwassenen maar.

0 Bekijk

Dunne Lijn

Ma en pa naar een feest
Nonkel Peter woont in Limburg
Hij heeft een groot huis
Kinderen niet toegelaten

De broer van pa verjaart
Je wordt maar één keer 50
Vera komt thuiswachten
Ze houdt van kinderen

Voor de polder is de heide
De andere kant van de wereld
Ze blijven daar slapen
Vera speelt graag spelletjes

Ik mag lang opblijven
Een ijsje voor slapengaan
Ze fluistert lieve woordjes
En zoent mijn voorhoofd in slaap

Als ik later groot ben
Wil ik met haar trouwen
Dan is het mijn beurt
Om haar in slaap te zoenen

0 Bekijk

An ode to markers (Hour 8 2026)

They come in all colors
They come in all types

Some easy to erase
Some impossible to wipe

Some gentle and humble
Some taking your breath

They can create wonders
Some release a wreath

The marker is mighty both bad and both good
Especially in kids hands when it goes where it not should

0 Bekijk

De drempel

Op school ben je echt een karakter,
de leraar zweert, je bent een sieraad.
Maar bij de voordeur breek de meter,
alles stoort en de sfeer wordt kwaad.

Die paardenbloem was wild geplukt
beveiligd tussen de tassen en de stress.
Nu mist er één blaadje en je bent gespannen,
dit is verschrikkelijk , niks minder dan dat.

Je kijkt niet zomaar naar de verf,
“Je moet kijken met je hart, mam.”
Terwijl je om half zes een meesterstuk bouwt,
Als de avond zachtjes valt.

Dan sluit ik zacht de badkamerdeur,
de koele tegels op mijn wang.
Een vluchteling van geur en kleur,
een moeder, hondsmoe en bang.

Omdat jouw sprankel soms verdwijnt
in donkere vragen voor de nacht.
Waar de buitenwereld stralend schijnt,
Stormt het binnen met grote kracht.

0 Bekijk

Onzichtbaar maar onlosmakelijk

Er zit een draad
die niemand ziet
maar die geen mens kan breken.
Geen maatregel,
geen afstand,
geen zorgvuldig geformuleerd besluit.

Je kunt een kind verplaatsen,
een bed verschuiven,
een leven opnieuw inrichten -
maar niet
waar het vandaan komt.

Niet de zachte echo
van een stem die nooit verstomt,
niet de schaduw van een ouder
die meeloopt in het hart.

Soms verschijnt die verbinding
in vormen die we niet begrijpen:
in gedrag dat schuurt,
in keuzes die pijn doen,
in een stille poging om te zeggen:
zie mij,
ik hoor ergens bij.

En wij,
wij noemen het probleem,
terwijl het vaak een antwoord is.
Een antwoord op gemis,
op liefde die geen plek kreeg,
op een naam die niet uitgesproken mocht worden.

Want een kind blijft van zijn ouders.
Altijd.

Tenzij -
wij de moed hebben
om niet alleen te beschermen,
maar ook te verbinden.
Om niet alleen weg te halen,
maar dichterbij te brengen
wat er nooit echt weg was.

Misschien is dat de beweging.
Niet naar nul alleen -
maar naar zien.
Naar luisteren
tot onder het gedrag.
Naar erkennen
dat wat blijft,
niet het probleem is -
maar het begin.

0 Bekijk

Ochtendgloren

Het ochtendgloren piept al tevoorschijn
na ’n donkre nacht vol met geluid.
In ’t bed de warmte en veiligheid,
die ’t kind 's nachts nodig heeft en vindt.

 De dansende vlammen op ’t gordijn
door de lantaarns achter bomen, die
rustig wuiven in de nachtelijke wind,
gaven lichte huiveringen bij het kind.

 Maar nu de zon haar licht laat schijnen,
doet zij boze schaduwen en vlammen
verdwijnen. Het kind doet d’ogen open
en blikt in de nieuwe dag die nu komt.

0 Bekijk

Verbazing

Boeken vol schrijf ik
mijn verbazing op
Het lijkt te zijn wie ik ben -
voor zover ik weet
(sinds mijn zesde jaar)

Ik begreep de juffrouw niet
en mijn ontploffende vader
mama en mijn grote broer
Waarom had ik niet mogen zeggen
wat ik wist en wat waar was?

Ook niet als ernaar gevraagd werd!
Dat de buurman dronken was
dat die ene jongen dom was en
dat je niet op een kluitje moest
voetballen! 'Ga weg!' 'Professor!'

'Opschepper!' 'Kletsmajoor!' 'Huilebalk!'
Aan de tranen kon ik niets doen
Ze kwamen van andermans onbegrip
en wanneer ik eerlijk was terwijl
alle kinderen zonder blikken of blozen logen

Dat schijnt zo te horen, of privé te zijn

0 Bekijk

Onbegrensd

De jongen,
Kind nog zonder verleden,
Denkt de vader God te zijn,
Zonnetje altijd schijnt,
Beren altijd uit de weg geruimd
Toekomst lijkt ’n eeuwig heden,
Verdriet door moeder weggekust,
Pijn in ’n oogwenk weggetoverd,
De hele wereld in één oogopslag,
Zijn bedachte wereldbeeld,
Waar bergen tot de hemel reiken,
In badkuip oceanen oversteken,
Met torenhoge golven,
Draken nog kunnen vliegen,
Sneeuwwitje nog slaapt in diepe rust,
Kikkers nog verklede prinsessen zijn,
Wensen nog onbegrensd.

0 Bekijk

De Blauwe Ster

De blauwe ster die het kind de weg wees op aarde,
Scheen helder en fel in de duistere nacht,
Met stralen van hoop, een sprankje van waarde,
Verlichtte het pad, gaf het leven kracht.

Ze fluisterde dromen, verhalen uit verre,
Over bergen en rivieren, de magie van het leven,
Met elke stap die het kind verder ontdekte,
Voelde het liefde, dat de sterren hadden gegeven.

Door velden van bloemen, onder de maan,
Volgde het kind het licht met een bruisend hart,
De blauwe ster leidde, nooit meer alleen gaan,
Met elke glimp bracht ze warmte, een nieuwe start.

En zo bleef de ster, als een trouwe metgezel,
In de ogen van het kind, altijd nabij,
Een symbool van de liefde, een twinkeling in de fel,
Die de weg wees naar geluk, steeds vrij en blij.

Het kleine kind werd een grote man maar de blauwe ster bleef altijd bij hem......

Henk Dekkers,

2025.

0 Bekijk

Een heertje vol licht

Als een kleine heer zit hij daar
zijn hoed een kroon van zachte flair,
het lichtscherm schildert op zijn huid
een glans die alle twijfel tegenhoud.

Zijn ogen, groot van verwondering,
reizen door een digitale kring,
alsof de wereld daar hem fluistert
“Jij hoort er ook bij, makker.”

Zijn handen rusten op het toetsenbord,
maar haastiger dan woorden wordt
wordt een stille droom in hem gewekt,
een toekomst die zich langzaam ontvouwt.

Hij buigt zich naar het lichte raam,
alsof hij door het beeldscherm heen wil gaan,
een ridder met een vilten hoed,
die onverschrokken zoet het avontuur zoekt.

In elke glimlach, half gevat,
ligt hoop verstopt als fijn garen in een jasje
draad voor draad met liefde gesneden,
niet van wol of katoen, maar van geduld, liefde en trots.

Want ergens vlak achter dit toneel
staat een vader, stil en vol van liefde,
een heer met stof en stropdas in zijn hand,
die voor zijn zoon een maatpak van vertrouwen plant.

Dit kind, dit ventje – of, jazeker, heertje –
draagt meer dan zijn trui en zijn bril,
hij draagt het recht om helemaal zichzelf te zijn,
een kostuum van waardigheid, geweven uit het fijnste zijn.

Zo groeit hij, elke dag een steek,
elk moment opnieuw weer bewijzend,
aan wie ooit dacht in smalle maat te meten
dat hij nooit in diagnose noch etiket te vangen is.

Hij is een verhaal in volle snit,
met een glimlach als speels revers,
een toonbeeld van puur geluk
die elke kamer vult waarin hij verschijnt.

Wanneer de avond zachtjes valt,
het scherm dooft en de stilte daalt,
blijft één beeld hangen, licht en klaar:
een kleine heer, door liefde op maat gemaakt,
die simpelweg bestaat; en daarmee alles stil verklaart.

0 Bekijk

Toen de Ooievaar inhield

We houden van ooievaren
Dat zijn ik en mijn vrouw
We hebben dat ook ervaren
Op een dag vol hemelsblauw

We hadden zolang gewacht
En alles in het werk gesteld
Daar was eindelijk die dracht
We stonden ervan versteld

Ons kleintje ten voeten uit
Een ziel in een klein lichaam
Voor onze liefde zo heilzaam

Plots was ze zonder geluid
De arts zo zwijgzaam
Nog zonder doopnaam

0 Bekijk

Moe van vechten

Ik word zo moe
Vechten elke dag weer

Ik ben het zat
Waarneer stopt het nou een keer

Vechten tegen onrecht
Vechten tegen een systeem

Hun maken geen fouten
En dan ben ik het probleem

Alles draait om geld en macht
Over ruggen van kinderen heen

Het gaat hier om gevoelens
Dit is gemeen

Je zou zeggen dat hulp je veder moet brengen

Maar uiteindelijk zullen er allemaal mensen met jou mengen

Ze doen zich goed voor
Maar het klopt van geen kant

En er is niemand die zegt, wat is hier nou aan de hand

Ik ben uitgeput
Maar ik moet door

Hoeveel pijn het ook doet
Ik ga ervoor

Ja het is moeilijk
En ja het is zwaar

Het doet pijn en is voor het hele gezin voelbaar

Het breek
En het maakt kapot

Je staat alleen
En hun leven in complot

Ik wil dat mijn kinderen een gelukkige moeder zien

Want ik ben niet perfect, maar dat is wat ik verdien

Mijn kinderen zijn alles wat ik heb, ze zijn mijn wonder

Afkomstig van hun vader,
Dat maakt ze extra bijzonder

Ik zal blijven vechten
Ik weet waarvoor ik het doe

Ik moet blijven vechten
Op een dag lacht het geluk me toe

Waarneer die dag komt
Ben ik niet meer uitgeput en moe

Zullen mijn kinderen gaan stralen, met blije gezichten

En komt er wat minder pijn terug in mijn gedichten

0 Bekijk

WIJZE VERHUIZING

De roze bloem met ruwe stengelbladen
is binnen de muren der geleerdheid
tot allerhande vragen geven bereid.
De hoogleraar mag naar haar wezen raden.

Zij bewandelt nieuwe levenspaden,
staat na een korte, heftige reistijd
in een kleine school, verlicht en verblijd,
wil het kleuterbrein geurig beladen.

Vingertjes tasten vol ondervinding.
terwijl ze licht op loof en stengel knerpen.
Daaruit schept de prille geest verbeelding.

Kindergedachten en -stemmen scherpen
zich, dankzij bloemenpracht, maken omzwerving
vanuit Groningen, ofwel Antwerpen.

0 Bekijk

Er is een wezenlijk verschil tussen gedichten vóór kinderen en gedichten óver kinderen. Op deze pagina staat de tweede soort: poëzie van ouders, grootouders, leerkrachten en omstanders die naar een kind kijken en iets zien wat te groot is om onbenoemd te laten. De verwondering van een kleuter die voor het eerst sneeuw ziet. De brugklasser die opeens geen hand meer wil. De volwassen dochter in wie je nog altijd dat meisje ziet.

Zulke gedichten worden veel gezocht voor bijzondere momenten: een verjaardagskaart van ouders aan hun kind, een tekst bij een spreekbeurt of afscheid van groep acht, een toespraak op een bruiloft waarin je je kind uitzwaait. Maar minstens zo vaak schrijven onze leden ze zomaar, omdat opvoeden nu eenmaal dagelijks stof oplevert: vertederend, hilarisch en soms hartverscheurend.

Voor elk kind een eigen plek

Zoek je versjes om aan een kind voor te lezen, dan zit je beter bij de gedichten voor kinderen. Grootouders vinden herkenning bij de gedichten over kleinkinderen, en de omgekeerde blik, het kind dat naar zijn ouders kijkt, staat bij gedichten over ouders. Heeft jouw (klein)kind je ooit sprakeloos gemaakt? Maak er een gedicht van. Over twintig jaar is het goud waard.