Wonderen
(Opgedragen aan C.)
Er stond een engel voor mijn deur,
De vleugels had ze thuisgelaten,
Zegt tot mij bij koorbegeleiding,
Ik breng u d'zegen van hogerhand.
Ik geloofde niet in wonderen,
Sta met beide voeten op de grond,
Ben dus niet van verbazing van
M’n stoel gevallen, overigens ik stond.
Sindsdien is die engel niet meer
Van mijn zij geweken,
Muurvast genageld op m’n schouder.
De wonderen ik sindsdien ervoer,
Zijn niet op één hand te tellen,
Engelen geloven in mijn wonderen.
Er stond een engel voor mijn deur,
De vleugels had ze thuisgelaten,
Zegt tot mij bij koorbegeleiding,
Ik breng u d'zegen van hogerhand.
Ik geloofde niet in wonderen,
Sta met beide voeten op de grond,
Ben dus niet van verbazing van
M’n stoel gevallen, overigens ik stond.
Sindsdien is die engel niet meer
Van mijn zij geweken,
Muurvast genageld op m’n schouder.
De wonderen ik sindsdien ervoer,
Zijn niet op één hand te tellen,
Engelen geloven in mijn wonderen.
Mooi gedicht? Klik op het hartje — je like komt meteen bij je likes te staan.