Ooit alles, nu een naam die je liever niet hoort, of juist stiekem nog even opzoekt. Deze gedichten over ex-liefde gaan over wat overblijft na een relatie: gemis, opluchting, woede en alles ertussenin.
Ik heb al mijn gevoelens voor hem diep achter me ribbenkast verstopt. Achter een paar botten, bloed en vlees. Hopend dat die sterk genoeg zijn om me gevoelens te verbergen. Toch bonken ze hard naast me hart tegen mijn ribben aan. Zo hard dat ik ze niet kan negeren, maar ik heb geen keuze. Het bonken is beter te verdragen dan de pijnlijke gevoelens die door me lichaam stromen voor jou. Gevoelens die vroeger gepaard gingen met versnelde liefdevolle hartslagen.
Als ik je zie, verstijft me lichaam compleet. Me hart staat voor 2 seconden stil. Me ogen vergeten te knipperen. Alles om jou heen vervaagd weg in het heden. Het enige wat ik voor me droge ogen zie is jouw oude, prachtige glimlach tussen onze herinneringen.
Hoe je bruine ogen glansde in de zon terwijl ze me vol hoop aankeken. Hoe je me altijd optilde en we samen een pad maakte om te bewandelen. Hoe ons pad uiteindelijk uit elkaar viel en hoe we zijn opgesplitst, ondanks mijn pogingen een werkende kaart voor ons te tekenen. Mijn pogingen om ondanks alles, samen die weg te blijven lopen.
Helaas stond de bestemming op die kaart alleen voor jou al aangegeven, zonder mij. De kaart die slechts in mijn verbeelding bestond. Een kaart van een liefde die nooit werkelijk van ons beiden was.
Wat zou ik je graag gewoon even een berichtje sturen. Hoe gaat het, wat ga je doen vandaag, ik ben moe en wil naar je toe. Even kletsen over het werk, niets speciaals, ok misschien elkaar een beetje plagen en uitdagen. Ik voel dat ik niet meer de oude word en misschien is dat ook wel goed. Maar op dit moment voelt het alsof ik mijn hart zou willen vervangen voor iets wat het gewoon doet.
Jij was als Duitsland,
Onverwacht mooi, maar hield geen stand.
Groots en divers, maar verloor zijn kracht.
Wij voelde als oorlog, waarbij het ging om macht.
Alles was kapot geschoten, geen basis meer te bekennen.
Zelfs wij konden dat niet meer ontkennen.
Het werd donker en grauw, zoals het Rurhrgebied.
De liefde was vervlogen, het was er gewoonweg niet.
De zwarte rand zal ik blijven voelen.
Dat is niet meer van mij af te spoelen.
Maar de prachtige kastelen en de Moezel zal ik nooit vergeten.
Die herinneringen hebben zich in mijn ziel gesleten.
Ik heb het wel gezien
hoe het lichtje in je ogen doofde.
Ik kende je alleen stralend,
want ik had je alleen bij mij gezien.
Helaas is een steekvlam kortstondig,
maar als je iemand in het licht hebt gezien,
zul je hem ook in het donker herkennen.
In mijn zicht doofde het licht,
maar in mijn gedachten bleef het branden.
Ik besef nu dat ik ben bedrogen
niet door jou, maar door hetgeen
wat ik dacht dat bleef.
Nu rest mij niets dan te hopen
dat jij zelf het vuur weer kunt ontsteken,
zodat het voor altijd zal blijven branden,
in het zicht van een ander.
Als ik je de maan kon geven, dan had ik dat al lang gedaan
Door zulke gigantische gebaren zouden we dag en nacht in het donker leven
Ik zou je de maan, de sterren en de zon cadeau willen doen
Ze allemaal op een rijtje zetten, alleen voor jou
Ik zou wel een zonnestraaltje van je willen, maar dat wil je niet kwijt
Dat is oke, voor jou kan ik de nacht wel doorstaan
Ik zal wel een bron van licht zoeken, maar je kan niks aansteken
Dat is oke, ik tast wel in het duister voor jou
Verduisterd, verdoofd, geblust, zo laat je me achter
Maar dat is oke, want jij straalt eindelijk
Vlinders fladderen doorheen mijn lijf
kriebels kriebelen overal
Kan het niet helpen te blozen
mijn wangen rood
Ik voel mijn huid tintelen
mijn ogen groot
groot, groter, grootst
Je zou er in kunnen verdwalen, verdwijnen, verzinken
oceaanblauwe zeeΓ«n kijken je vragend aan
ja?
Niets
leeg
Leegte
niet eens een beleefdheidsglimlach terug
en plots
haat ik vlinders
verdwijnt elke vorm van leven uit mijn lichaam
mijn zee loopt leeg
Rollend over mijn met schaamte bevlekte wang
Heb je je ooit al afgevraagd
Wat zou er nu zijn met jou en mij?
Waarom is het niets verder geworden?
Waarom kleurt de lucht βs ochtends blauw?
Waarom was je er niet voor mij
In het diepst van de nacht
Volgens mij kwelt het mij gewoon
En hou jij enkel van die macht
De dingen die ik zei, de dingen die ik deed.
Zo veel niet gezegd, zo veel niet gedaan.
Er was zo veel grijs, zo veel niets, zo veel leed.
Wat hebben wij elkaar toch aangedaan?
Een zee aan emotie, gepropt in een glazen potje.
De liefde, de haat, de jaloezie, de leeftijd.
Ooit zag ik jou als mijn liefste, mijn dotje.
Als ik terug kijk, waren wij de liefde al veel eerder kwijt.
Doof en blind dat we waren gingen we door.
Wetende dat het glazen potje op ontploffen stond.
Gaan we er nog een laatste keer echt voor?
De enige toekomst voor deze relatie is de afgrond.
De geest is uit de fles, het potje is gebroken.
De klap die volgde, was het begin van een ander leven.
Onze daden hebben de relatie verzopen.
Wij hadden elkaar inmiddels niets meer te geven.
Een ex is een vreemd soort aanwezigheid: iemand die er niet meer is en toch overal opduikt: in een liedje, een geur, een straat waar je samen liep. De dichters in dit thema schrijven over dat schemergebied. Sommigen kijken om in wrok, anderen in dankbaarheid; weer anderen betrappen zichzelf erop dat ze stiekem hopen dat de ander dit gedicht ooit leest.
Waar je in het verwerkingsproces ook zit, er is hier een gedicht dat meeloopt. Zit de pijn nog vers, dan vind je lotgenoten bij liefdesverdriet; ging het uit elkaar gaan gepaard met papierwerk en verdeelde spullen, dan herken je veel in de gedichten over scheiden. En voor wie vooral iets recht te zetten heeft, bestaat het thema spijt en sorry. Soms is een gedicht de enige verontschuldiging die nog kan.
Schrijven over een ex is een beproefde manier om het hoofdstuk echt af te sluiten: de woorden staan dan ergens anders dan in je hoofd. Als jouw verhaal af is maar nog nergens staat, geef het hier een laatste bladzijde.
Even inloggen
Like en bewaar gedichten, volg dichters β met een gratis account. Reageren komt eraan.