[ In de hitte zweet ]
In de hitte zweet
het plafond dikke druppels --
alsof het regent.
— Zyw Zywa
Hittegolven, hoosbuien en een aarde die om aandacht schreeuwt. Deze gedichten over het klimaat en klimaatverandering verwoorden wat de opwarming met mensen doet: zorg, woede, schuldbesef en toch ook hoop.
[ In de hitte zweet ]
In de hitte zweet
het plafond dikke druppels --
alsof het regent.
— Zyw Zywa
CODE RRRÓÓÓD
heel NL in de klimaatboot
dus sta je een keer bloot
aan een koperen ploert
die straalt, brandt, loert
en trots is op code rood!
— SJ©RS
Hittestress
Ongekende hitte in ons land,
Wat is er aan de hand,
Climate change ontkenners
Begrijpen er niets van.
Het is volgens wetenschappers
Door een hittekoepel,
Onverklaarbaar fenomeen zonder
Sprake is van climate change.
Gaat in de toekomst vaker komen,
Vraagt veel meer energie,
Door de airco’s voor de welgestelden,
Armen alleen een pierebadje.
Hittestress woord van ’t jaar,
Wordt een toekomstig doodgewoon,
Voor d’armen alleen dood,
Zullen aan d’hittestress niet wennen.
Hitte juni 2026
Het is warm, eigenlijk is’t heet,
Voor het eerst code rood,
Levensbedreigende hitte,
Tis maar dat je ’t weet,
Dat je niet vergeet
Je in te smeren,
Veel te drinken,
Zo min mogelijk kleren,
En vooral rustig aan,
Dat voorkomt veel leed.
ZEGEN NA BRAND
De zon wil streng heersen
verdrijft alle wolken
laat aan het effen blauw
haar plaaglust glanzen
denkt wellicht de grond
te doen barsten en planten
tot vodjes doen krimpen
zorgt voor eindeloze dorst
het onweer van de nacht
daalt neer als weldoener
donderslagen berispen
de algehele droogte
bliksems blinken op
als lichten vol blijde hoop
regendruppels tikken
als ver klinkend tromgeroffel
hun overwinningsklank bezingt
verjaagde zucht.
Onomkeerbare domheid
Ik staar over de lege vlakte,
Waar eens kleuren mij toelachten,
Klimaatontkenners weglakten,
Wijl zij met macht anders dachten.
Ik kijk over de eeuwige deining
Van microplastic zeeën,
Waar eer dolfijnen de lucht in gingen,
Achtelozen afval achterlieten.
Ik zie grijze luchten rond en boven mij,
Waar eer leeuweriken
Tegen een helblauw hemels firmament,
D’aardse schoonheid bezongen.
Ik treur, ik ween tranen om wat was,
Om wat nooit terugkere,
Door menselijke domheid is verkwist,
Te weinigen zich tegen keerden.
Die Antwort auf fast alles
De regen kwam met pijpenstelen omlaag,
En dat niet alleen vandaag,
Ook gisteren en vele dagen ervoor,
Dat regenen gaat voorlopig nog even door.
Het sopt zoals waarop ’t wetland boogt
Er is geen plekje meer droog,
Zelfs hoge laarzen hebben nu geen nut,
Je zakt gewoon weg in de prut.
Vorig jaar was het droog,
Toen hielden we de voetjes nog droog,
Toen brandde de zon fel,
D’verzengende hitte voelde als d’hel.
Of deze cyclus zich zal herhalen,
Is voor de wetenschap nog de vraag,
In ’n heel, heel ver verleden,
Kostte ’t bijna al ’t leven op d’aard.
Het klimaat
In het donker en in de nacht
je ziet helemaal niets alleen maar zwart
het enige wat we zien is het klimaat
dat alleen maar achteruit gaat
alle uitstotingen in de natuur
en dan nog de temperatuur
die daalt alleen nog maar
wat word dat toch heel zwaar
let nu maar heel goed op
want anders word het een grote flop
gooi geen afval op de grond
zo blijft de wereld mooi gezond
Sneeuw en ijs
Sneeuw en ijs in deze tijden,
alleen met kerst kan het mij verblijden,
we zijn niet echt gemaakt,
voor winters lijden.
L.G
In de boom
Op de verminkte zijtak
hoef ik me niet te laten
bedwelmen door de hars
om overal in de boom
de mensenschemering
te zien, hun kabels
door de wortels heen
gehakt, hun kunststoffen
uitgezaaid in de aarde en de zee
en om het huilen te horen
dat in mijn adem stokt
het verdriet om het negeren
van de gevolgen van wat we denken
nodig te hebben, ach, hoe sober kan ik
leven om niet medeplichtig te zijn?
— Zyw Zywa
Climate change
Drieëndertig wijst de thermometer,
Elke dag een beetje heter,
Hoe zal dit verder gaan,
Gaan we op de honderd aan?
Klimaatontkenners houden vol,
In oude tijden was hier al in de tropen ,
En ook al eens poolklimaat,
Dus zo’n vaart zal het heus niet lopen.
Ik vrees helaas met grote vreze,
Het toch wat anders ligt,
Dat ’t toch wel ernstig kan wezen.
De toekomst zal het leren,
Klimaatwetenschappers doen hun plicht,
Waarschuwen ons te weren.
Laatste adem van de aarde
Er zijn geen bomen meer,
alle geveld door de laatste wind
Hun stammen drukken nu zwaar op de aarde,
benemen haar de adem,
ze bezwijkt bijna onder hun logge gewicht
Er is geen regen meer
om hen langzaam in vergetelheid te laten vergaan
Al het water is diep in haar schoot gezakt,
van binnenuit droogt ze steeds verder uit
Ze wringt nog de laatste druppels uit verdorde bladeren
en wacht bij dageraad op de dauw,
maar die blijft steeds vaker weg
Klimaatalarm
Ze zei, ik heb ’t zo koud,
Wijl ’t toch al bijna zomer is.
’t Klimaat is niet meer ’t was,
Wat is er op d’aarde mis.
Enerzijds stoot de mens
Steeds meer broeikasgas uit,
Anderzijds was ’t altijd al zo,
Je in klimaathistorie stuit
Op grote schommelingen,
Hier was ’t eens tropisch warm,
En bitter koud in de ijstijd,
Dus niet vreemd ’n klimaatalarm.
Moeten ons voorbereiden op
Verandering van klimaat en weer,
Daarom is zo onbegrijpelijk
Dat Poetin, Trump en nog meer,
Het probleem alleen vergroten
Door alles naar hun hand te zetten,
Met louter oog voor eigen belang,
Zonder op d’gevolgen te letten.
Panta rhei voorbij
De rivier stroomt meanderend
In een vloeiende loop naar de delta,
Waar het zoete water
In het ritme van eb en vloed
Vermengt met het zoute van de zee.
De stroomversnellingen en watervallen
In de stroom van bron tot monding,
Wisselt af met de rust van meren,
Waarin ’t hemelse blauw zwemt.
De zon schiet diamantjes op de golfjes,
Wolken varen mee naar de zee,
Maan en sterren flonkren in de diepte,
Ook ruisen van ’t water reist mee naar zee.
Als de gletsjers zijn verdwenen,
De regens zijn opgehouden te bestaan,
Verdwijnen ook de rivieren,
Gaan ook de planten en dieren er aan.
Klimaatverandering
De zon schijnt vrolijk op ons neer,
Dankzij ‘Climate change’ is hier nu mooi weer,
Elders is het weer ’n stuk minder fijn,
In Zuid-Amerika is erdoor de koffieoogst ’n sof,
Koffieprijs schiet omhoog, net als chocola,
Dus alles beziend, is ’t weer overall
Ons per saldo niet heel erg goed gezind,
Gaat de wereld naar de verdommenis.
Helaas ik kan het niet mooier maken dan ’t is,
Met het klimaat zit het goed mis,
Ook de democratie staat op de tocht,
Het volk heeft democratisch autocraten gezocht,
En op leeftijd bovendien: Trump achtenzeventig,
Netanyahu vijfenzeventig, Poetin drieenzeventig,
Erdogan eenenzeventig om er ’n paar te noemen,
Als het meezit leggen ze gauw ’t loodje,
Komen er hopelijk jongere democraten aan bod,
De toekomst zal het ons leren,
Maar of die het klimaattij nog kunnen keren,
Is helaas twijfelachtig, que sera, sera!
Het klimaat is misschien wel het grootste verhaal van deze eeuw, en toch blijft het vaak abstract: grafieken, toppen, doelen. Een gedicht over klimaatverandering doet wat cijfers niet kunnen: het maakt de kwestie voelbaar. De dichters hier schrijven over smeltend ijs en verdroogde zomers, over kinderen die straks de rekening krijgen, over de spagaat tussen vliegvakantie en geweten. Niet zelden met woede, soms met galgenhumor, en regelmatig met de koppige hoop dat het tij nog keren kan.
Het thema heeft duidelijke buren. De bredere zorg om vervuiling en natuurbehoud vind je bij de milieugedichten, de liefde voor wat er te verliezen valt bij de natuurgedichten. Wie van woorden actie wil maken, herkent zich in de protestgedichten, en de diepere vraag hoe de mensheid wakker wordt, speelt bij bewustwording.
Ruim honderdvijftig dichters staken hun bezorgdheid al in verzen in plaats van in zuchten. Wat doet de veranderende aarde met jou? Laat je stem horen — óók poëzie is een vorm van actie.