[ Ze durft niet terug ]
Ze durft niet terug
te kijken: dat in het hooi,
is dat echt gebeurd?
— Zyw Zywa
Vroeger is nooit helemaal weg. Deze gedichten over herinneringen halen het verleden dichtbij: jeugdjaren en oude liefdes, gemiste mensen en verdwenen plekken: alles wat het geheugen bewaart en de dichter opschrijft.
[ Ze durft niet terug ]
Ze durft niet terug
te kijken: dat in het hooi,
is dat echt gebeurd?
— Zyw Zywa
[ Ik ben een toerist ]
Ik ben een toerist
waar jij woont, waar ik vroeger --
nog familie was.
— Zyw Zywa
Blij
Mijn herinneringen zijn zo fijn,
Daarbij valt het verdriet
Van het afscheid bij in ’t niet,
Ben ik blij met ’t zijn.
Oud krukje
Achter een raam met een fijne haarscheur
en opgedroogde modderspatten
een kamer vol azalea’s in vervaagde kleuren
Daartussen, bijna onzichtbaar,
het ruwhouten krukje
waarop ik vroeger zat
met opgetrokken knieën
als de stoelen bezet waren
Diep in het huis hangt nog de geur
van groene zeep en petroleum
In het strijklicht dwarrelt stof neer
tussen de bloemen
en het ontbloemde linnen tafelkleed,
waardoor alleen schaduwen van de poten
vervloeien met die van de azalea's
Verleden tijd
Gedichten en gedachten
Onder de tropenzon
Waar alles voor mij begon
Uit haar ontsproten
Met veel geluid overgoten
Ben ik ter wereld gekomen
Vlak na de afwas om twee uur
Parkeerde vader zijn auto vol vuur
Zelfs bij zijn 3e kind was hij te laat
Zoals bij het leven soms gaat
Zij gaf mij alle aandacht
Voor mij was dat een pracht
Mijn amandelen werden gepeld
In het caribian hospital welgeteld
Een autobus als kadoo
Van mevrouw van der Ent bedankt en chapeau
Een keer ging het mis
Vlak voor kerstmis
Bij het consumeren van een hibiscus
Opname in het hospitaal
Hoge koorts niet cerebraal
Een zak ijs op het hoofd
Een thermometer in het hoofd
Een nieuwe huid gekregen
Na veertien dagen weer hersteld
De dagen een voor een geteld
Cumple anjos felice bij de buurjongen
Een piñata aan gort geslagen
Dat waren mooie dagen
Onder de tropenzon
Waar alles begon
April 2022
Uit het juiste hout gesneden
In mijn kindertijd, al even geleden
werd ik gedoopt tot ‘slim’.
Een slim slimme meid, een rekentijger genoemd.
Mijn prestaties hingen daar aan ‘de muur van krullen’ ter inspiratie voor
de rest die zich in simpele sommen verloor.
Toen ik slim was, leek dat altijd zo te zijn
intrinsiek aan mij, kent het verschil tussen hen en zij.
Natuurlijk inzichtelijk, weet hoe bloemen bloeien
vandaag lijkt het vergaan,
alles waar ik eigenlijk nooit mn best voor heb gedaan.
Mijn bomen van kennis dood,
en daarmee ook
de vruchten die ik heb beloofd.
Nectarines voor mijn moeder, vergeet de nachten alleen.
mango’s voor mijn zusje, vergeef mijn weggaan toen.
minneolas voor mij, een reden voor alle schaamte en spijt.
Hoe het verder moet geen idee, niks te bieden en mn hoofd voelt heel ver heen.
Breng me thuis, terug naar het begin,
waar ik met zekerheid aardappels in de grond vind.
— Naj
Een Tijdelijke Overeenkomst
Ik vond een herinnering
Zwartwit beelden achter mijn voorhoofd
Hier en daar beschadigd
Geleidelijk neemt herkenning op sleeptouw
Een herinnering borrelde op
Een tijd opgeslokt door de horizon
Besef vergt een inspanning
Nieuw leven is niet altijd raak
Een herinnering klampte me vast
Vergeten doet pijn
Het lost op in de tijd
Aandacht geeft zuurstof
Een herinnering besloot te blijven
Er was nog een plekje vrij
Tijdelijk luidt de overeenkomst
Voor de anderen wordt niet thuis gegeven
Verleden dagen
De dagen, de nachten,
het vult mijn gedachten.
Laat denken aan verleden dagen vol prachten
en pralen en lieve verhalen,
die ik alleen naar boven lijk te halen
wanneer ik in het donker ga dwalen.
[ De bloemen geuren ]
De bloemen geuren
zoete herinneringen --
die nooit verdorren.
— Zyw Zywa
Pastorale
De landman leunt op z’n schop,
Zijn werkdag zit er bijna op,
Nog ’n kleine strek land te gaan,
Kan dan de schop laten staan.
Het leven des landsman is zwaar,
Hij zwoegt nu al menig jaar,
Ontvangt naast karig loon de kost,
Zondags is hij ervan verlost.
Dan gaat hij braaf ter kerke,
Want dan mag hij niet werken,
Zingt hij met de goegemeente,
Voelt hij ’t werk nog in z’n gebeente.
Dankzij Vincent van Gogh,
Leeft des landman zware werk voort,
Wordt zijn stem gehoord,
Weten wij toch, wat hij doorstond.
Woensdagmiddag
De bijbel op woensdagmiddag vergt karakter
Schone straten — de zon neemt bezit
Geen school — kinderen rapen geluk op
Vier muren beproeving— een raam brengt troost
Bijbelles — doordraven
Diaken — kille schaduw
Zonlicht verrast — Marie met decolleté
Diaken naar de uitgang — plicht roept
Haar huid licht op — zoete woorden
Verhalen — nieuw kleedje
Uittocht uit Egypte — iedereen wil Mozes zijn
Lessenaar — Sinaïberg
Uitkijk — overdonderend
Blikken — weggekaapt en vastgeketend
Heilig vuur — bekken in brand
Muren — funderingen op de proef
Oud testament — heldenepos
Hooglied — Marie bloost
Jezus — Maria Magdalena
Beneden — vermeerdering ongemak
Verlossing thuis — goddelijke hand
Berusting — alles is heilig
Mijn hand — rustpauze
Afgedankte tafel
Leegte trekt mij over de stoep
langs het huis waar ook
mijn ouders niet meer wonen
Alles is anders
Het hart ontbreekt
Het tafelmassief
van de ongeschreven regels
gepreekt tot gehoorzaamheid -
een boek vol in mijn hoofd
Ik voel het gewicht ervan
verschuiven bij het zien
van de kamer, zo vertrouwd
de zekerheden weer zwaar
en duidelijk na jaren
verijling, een onverlies-
baar geloof, ondanks
het openslaan
van de bladzijden en
ondanks mijn weg
mijn waarheid
mijn leven zonder..
— Zyw Zywa
Sterren boven de kamperfoelie
De sterren zijn ver weg
ver van elkaar, net als wij
Ze twinkelen op mij
lichtjes van geluk
het sterrenstof van toen
we samen waren
Jouw lippen vonkten
in mijn hart, jouw warmte
lag in mijn armen
Ik voel het nog, hier
in de tuin, met de sterren
daarboven, boven mij
en boven de geuren
van de kamperfoelie
zoals toen met jou
— Zyw Zywa
[ Ze zijn mij dierbaar ]
Ze zijn mij dierbaar,
al de herinneringen --
aan onze liefde.
— Zyw Zywa
Sentiment
Storm en regen
Kom je regelmatig tegen,
Wijl Hoeperdepoep zat op stoep
Vrolijk te wezen,
En twee beren broodjes smeerden,
Wijl door de regen,
De pannen werden nat,
En de kleutertjes op een zomerse dag,
Het was september,
De perkjes ruïneerden,
Maar Spillebeen zat gewoon,
Temidden van witte stippen,
Op en neer te wippen.
En ik, ik zag het aan,
En genoot!
Herinneringen zijn eigenwijs: ze komen wanneer het ze uitkomt, meegelift met een liedje, een geur of een oude foto. De dichters in dit thema laten zich die overvallen welgevallen en schrijven op wat er bovenkomt: de schoolklas van toen, de handen van een moeder, de straat die inmiddels heel anders heet. Gedichten van vroeger en over vroeger, die samen een soort familiealbum van de community vormen.
Mensen zoeken deze verzen op herkenbare momenten: bij een jubileum of reünie, na het opruimen van een ouderlijk huis, of gewoon op een stille avond waarop het verleden aanklopt. Wie vooral het verlangen naar toen voelt, vindt verwante woorden bij heimwee; wie mijmert over hoe alles voorbijgaat, leest verder bij de gedichten over tijd. En omdat herinneren ook verliezen kan zijn, liggen de gedichten over verdriet soms maar één regel verderop.
Bijna vierhonderd dichters legden hun vroeger al vast voordat het vervaagde. Welke herinnering bewaar jij het zorgvuldigst? Geef haar een vaste plek in een gedicht, dan raakt ze nooit meer zoek.