INLOGGEN
«»

Atlantis

ATLANTIS

Toen wij nog vrij en hand in hand
in eenheid wandelden op aarde,
nog niet gedwaald van in 't geheim bewaarde
en werkelijkheden ons omgaven in een land
van helden en nog goddelijke mensen
en ons echt gekend verstand
anderen veel vruchten baarde,
toen bloeide Geest in ware overvloed.
Zoals alles dat geboren wordt en weerom sterven moet
zo is ook dit gewetene verzonken
in verdronken en verdoold geraakte wensen,
om weer ver vermoed,
door eeuwen onder water
soms weer hulploos op te vonken.

Twee geheugenhelften in hun voorbestemming
zochten zich te raken aan elkaar.
En beslissend voor d’een alsook d’ander
was het zuiver onderscheid: wat bewaken, wat te laken?
De taak werd diep verstoord. Arbeid werd belemmering
van onze afpraak: lieten die een ánder maken,
en was uitgeleverd aan de wrok.
Een kaars sloeg aan het walmen
waardoor de blijdschap snel verging.
Een blind gezicht dat wij niet zagen trok
ons 't dorre masker ter bedekking over de herinnering -
en waar geen onschuld maar rancune achter stak.
Veel te diep ervoor gebogen, viel het onverwacht en
brak.
Het had het nieuwe boek ter sluiting van die dag gelezen:
"Want zie en ik beding: dat ieder boet wat ik beging:
het valt te vrezen want het staat er."
Maar ook de klok begon te galmen
en voor mijn kist, gedwee,
bracht jij gebroken witte roosjes mee.
Ik zweeg, en dreef, gedragen in mijn wade
uit op winden van de zee
naar het beloofde later, later…

En zij die moeten bukken
voor geldelijk gewin, bedrog en duistere waarde
en verzonnen vrede op verbeurd verklaarde aarde
van wie hen met de voetzool drukken,
hebben zonder hoop en zonder beden
eindeloos verdeeldheid en gespletenheid geleden.

Totdat de macht van het verleden strijkt
langs kloven die de mens al vroeg doorgriefden,
waar zich de overspanning heeft gebouwd -
die meteen bezwijkt.
De plots ontheven druk die alle golven heeft vergaard
en 't water terug deed vallen in kortstondige verbanning
- Gekneusde vleugels nu ontbonden en ontvouwd -
heeft uit de zee van eeuwigheid en liefde
in één ogenblik zichzelf de nieuwe tijd gebaard.
Dan rijt een bulderende Stem het volk aan stukken
met één korte hamerslag
maakt ervan gewag
dat de diepzeegronden van de wereld beven
en rukt uit handen van de sater
al de geroepenen der uitgevlakte landen
en van 't beloofde later.

Over steppen van het uitgewoede water
zoekende gezocht en stil van 't prille licht doorzeefd
komt dwars door helle zonneklater
hernieuwd, gezwind en zeker, de tortel aangezweefd.

Gedichten navigatie

« Vorige gedicht | Volgende gedicht » Naar deze rubriek
Naar overzicht alle rubrieken Over dit gedicht   
Geplaatst op: 20-02-2018

Beoordeel dit gedicht nu

10 9 8 7 6
5 4 3 2 1

Over deze dichter

Lilian Muileman
Actief sinds: 13-02-2018Informatie bij het gedicht:

16 januari 2005 Uit: The Call Auteursrechten
Op dit gedicht ‘Atlantis’ van Lilian Muileman zijn auteursrechten van toepassing (©). Het gedicht is onder auteursrechtelijke bescherming geplaatst op Dichters.nl.