Hij en ik
Hij zei: “Ik ken jou”,
Ik zei, verbouwereerd:
“Hoezo, waarvan?”
Hij lachte en zei:
“Jij bent toch, je weet wel?”
Ik zei: “Dat klopt, die ben ik.”
“Zie je wel”, zei hij en ik zei:
”Maar wie ben jij?”
“Nou ja zeg, ik ben ik”,
zei hij met een brede lach.
En toen, ja toen,
stond ik paf, want die was ik!
Over dit gedicht
Geplaatst op: 18-01-2024
Over deze dichter
Joris Olivier (Actief sinds: 09-06-2023)
© Op dit gedicht 'Hij en ik' van Joris Olivier zijn auteursrechten van toepassing. Het gedicht is onder auteursrechtelijke bescherming geplaatst op Dichters.nl.