Laatste steen

Paul Duyvesteyn

Hij stuwt een bandenwagen voort over het hobbelige veld,
waar gras en aarde samen zijn
Hoog op de wagen rust een kolosale steen, zijn laatste
De sluitsteen op weg naar zijn eindbestemming
Aan gene zijde van de beek bouwt hij een huis van steen en teer
Tot heden heeft hij elke steen bij laag water kunnen overbrengen
Door deze aanhoudende last buigt hij wat voorover,
als een wilgentak na een onverwachte windvlaag

Maar nu is het hoogtij, en dat blijft zo
In een eindeloze begrenzing van het land
Daarom speurt hij naar een boomstam,
als bondgenoot in de strijd tegen het water,
waarvan hij de takken kan ontnemen, om als brug over het water te gebruiken
In de verste verte geen boom in zicht
Het veld is als een zuchtende leegte

Nu is hij bezig het land van graspollen te ontdoen,
zoals een onstuimige tuinman in zijn pas gezaaide zaden woelt
Hij probeert een dam te smeden tegen de grillen van het water
In de warmte van de opkomende zon met smerige handen en kledij
lijkt hij op een landarbeider uit de vorige eeuw,
genageld aan grond en tijd

Gedichten navigatie

« Vorige gedicht | Volgende gedicht »

Naar deze rubriek
Naar overzicht alle rubrieken

Over dit gedicht 

Geplaatst op: 11-06-2024

Beoordeel dit gedicht nu

Over deze dichter

Paul Duyvesteyn (Actief sinds: 11-03-2017)

Auteursrechten

Op dit gedicht ‘Laatste steen ’ van Paul Duyvesteyn zijn auteursrechten van toepassing (©). Het gedicht is onder auteursrechtelijke bescherming geplaatst op Dichters.nl.