Not about pidgeons (Hour 21)
Oh no!!! NOT about pidgeons
Their cooing hurts my brain
And they won't stop their cooing
It drives me insane
I know they can not help it
That it messes up my brain
And energy leaks away
Even from great distance, though they are not to blame
It is not something that I can help
It's the frequency it seems
Some sounds I'm perfectly OK
But some hit me like beams
I can hardly hear them but their cooing vibrates through
I don't know how to stop it and I don't know what to do
It is so harsh to see my energy all leak away
Distraction doesn't help the brain still feels it all the way
So NO, please not pidgeons
Please move further out of reach
I understand you're not to blame
It simply is your speech
Sometimes I wish I could detach the hearing part of me
My energy is so limited and so precious you see.
So pigeons constantly cooing zapping my energy
Could they perhaps be aliens doing it willingly...
I'll leave you with that thought and will try to block it out
I'm sorry for blaming pidgeons but I really could do without
Dierengedichten
Trouwe honden, eigenwijze katten, vogels in de tuin en koeien in de wei: hier vind je gedichten over dieren in alle soorten en maten. Onze dichters schrijven over hun huisdieren en over alles wat verder kruipt, vliegt en snuffelt.
The moth and the two clogs (Hr20)
Moth was sitting in a clog
Yes it is very true indeed
Moth was wondering which to chose
How to win, how to lose
Should it be right or left
Would occupying it be a theft
They had been vacant very long
Moths live in jackets in song
Moth listened but did not care
Moth decided it could live anywhere
An unexpected guest: Hour 17
At first I thought it was a cat that flashed by on the garden cam
But few days later, then I saw, when it visited again
A marter stealthly made it's way from underneath the gate
By law and heart protected, it could go on with faith
Though neighbors had their cables of the cars gnawed on before It's free to roam and go it's way, wherever it may want to play
Noodles (Hour 14 Poetry marathon 2026)
There once was a snake named Noodles
She was good friends with the poodles
But when out of luck
Noodles got stuck
When the poodles tried playing tug
Reflection (Hour 13 marathon 2026)
She clearly likes the camera
She finds it every time
And if you wonder why
Check the title of this rhyme
Bat wish (Hour 7 2026)
Hanging on a willow branch on a moon lit night
A sweet young bat exhaled deep and sighed
Mom when I can I fly alone deep into the night
My wings are strong, my echo on, let go of motherly fright
Felix
Ik hou van mijn kat
Achterdeur met kattenluikje
Gepersonaliseerd kattenvoer
Vandaag is het Noorse zalm
Ik zie mijn kat graag
Hij ligt op mijn hoofdkussen
Rond 22 uur is het niezen
Een allergie is uit den boze
Ik ben alleen met mijn kat
Hij ligt waar hij wil
Hij ziet mij niet staan
Slaapt een hele dag
Mijn kat betekent alles voor me
Komt vroeg in de ochtend naar huis
Dispuut met de buurkat
De kattin moet kiezen
Alles gaat naar mijn kat
De notaris verklaart me gek
Hij is de enige die van me houdt
Kopjes net voor etenstijd
Reuzenalbatros
Klamte onder mijn vleugels
Opgezwollen, opgezet vertoef ik achter het vitrineglas,
uitgedroogd
Onophoudelijk schuiven schaduwen
door mijn uitzicht op de smalle corridor
Ze lopen voorbij, buigen even,
denken dat mijn massa hen traag toefluistert
Alsof ze mij kennen
De hele dag kijk ik naar mijn omgekeerde naam
die dof geworden is in het glas
Als ik mijn vleugels uitstrek,
valt een zeilboot in mijn schaduw
Ik steek zonder vleugelslag
een oceaan over
Nu sta ik met ingeklapte vleugels
jaar in jaar uit,
aangestaard door ogen die uitpuilen
van verbaasheid of verveling
Hun blikken wegen zwaarder
dan het water dat ik doorkliefde
Hun vluchtigheid lichter
dan de druk die ik achterliet
Beetle (an Acrostic)
B lue hue shines through
E merald green gives a magic sheen
E clipse of colors on it's crest
T he beetle sipping dew at rest
L ittle great beings, admire and stop
E xperience the beauty of a drop
[ Schapen in het veld ]
Schapen in het veld:
witte stippen op groen gras --
En ook een zwarte.
— Zyw Zywa
[ Ligt er een peper- ]
Ligt er een peper-
korrel naast de garnaal, of --
een verloren oog?
— Zyw Zywa
Lepelaar
Ik ben een lepelaar
met een ondergesneeuwd verenkleed
Mijn lange duistere poten
verberg ik tussen riet en gras
en spoel het zwart van mijn snavel
aan de rand van een heldere regenplas
Terwijl ik wacht op het oplossen van mijn schaduw
vlecht ik hoofdschuddend mijn lange haren
tot een zilverachtige streng
Ik zie mijn gestrekte hals
rimpelend vervagen
op de kiezelige bodem van de plas
Met één vrije vleugelslag,
bevrijd ik mijn uitgerekte hals
uit het water, spreid mijn veren
als een waaier in de wind
en werp
nachtvlekken op het open land
Kikkers
Een zee van zwarte stipjes,
gevangen in een bed van glas,
drijft in een modderige sloot,
zwelt op,
wiegt dromend in de schoot van het water,
met kieuwen en lange staarten,
nog stemloos zoekend tussen waterplanten
Staarten krimpen tot dartelende pootjes,
ze happen naar lucht, breken het water;
monden rimpelen breder,
ogen bollen op, bespieden de wereld
Van zwemmers naar springers,
groene glinsteringen
die in één beweging
van blad naar blad verhuizen
Ze blazen hun keel op
en schenken hun eerste stem
aan de avondlucht,
een zachte zucht die over het water trekt
De Blinde Vrijbuiter
Een grasmat neemt de tuin in
De zomer viert haar hoogtepunt
Eindeloos groen in het vooruitzicht
Een gezonde grasmat tovert de tuin
Tot een geliefkoosde plek
Vogels strijken neer — wolken houden in
De zon kijkt tevreden toe
Eigendunk is een grasmat niet vreemd
De akker wordt verplicht gewassen te dragen
Weiden kreunen onder bewegende melkreservoirs
Verderop zwaaien asfalt en beton de plak
Groen draagt de stempel van de natuur
Ze brengt verkwikking waar vermoeidheid toeslaat
Laat vernieuwing achter waar de winter is geweest
Groen duldt enkel het blauw van de oceaan naast zich
Tot een geïsoleerde plek bruin roet in het eten gooit
Wat aarde vanuit de diepte naar boven gestuwd
De blinde vrijbuiter bindt de strijd aan met groen
Hij heeft genoeg aan een kleine afdruk
Ongevraagde Aanwezigheid
Zes pootjes kruipend
Verloren gelopen
Op een witte vloer
Een eigenaardige aanwezigheid
Iets beweegt
Als een oog erop valt
Donker steekt af
Zet wit in de kijker
Alarmen gaan af
Dit is een ongevraagde vreemde
Een voetzool dreigt
Een borstel met vuilblik biedt zich aan
Het gevaar is geweken
Sporen laten het afweten
Een schoen bleef onaangeroerd
Er is leven in een borstel
Dieren en poëzie zijn een gouden combinatie, omdat dieren nooit toneelspelen: wat je ziet is wat je krijgt, en juist die eerlijkheid brengt dichters op hun best. In deze verzameling lees je liefdesverklaringen aan huisdieren, natuurobservaties vol verwondering en ontroerende afscheidsverzen voor een dier dat er niet meer is — want wie ooit een dier verloor, weet dat ook dát rouw is.
Van huisdier tot wild dier
De grootste dierenvrienden hebben hun eigen plek gekregen. Baasjes van blaffende viervoeters vinden herkenning bij de gedichten over honden, kattenmensen bij de katten, en wie het grote dier in de wei bezingt bij de paarden. Gaat je hart sneller kloppen van alles wat buiten leeft, dan liggen de natuurgedichten in het verlengde van dit thema.
Bijna achthonderd dierengedichten verder is één ding zeker: over dieren raken we nooit uitgeschreven. Heeft jouw huisdier, of dat ene dier van vroeger, een ereplaats in je hart? Geef het ook een plek in woorden en publiceer je dierengedicht.