Direct naar de inhoud
Nieuwe site! Tijdelijk โ‚ฌ10 korting op je eerste jaar Premium met code NIEUWESITE โ€” bekijk Premium.

L.J.

60 gedichten ยท 25 dit jaar ยท 2 deze maand ยท dichter sinds 2024

Hoi hoi,

Wat leuk dat je even een kijkje neemt op mijn profiel. Het leek me fijn om mijn gedachten, mijn hersenspinsels, mijn woorden te delen met anderen, zodat het niet alleen in mijn hoofd zit ;-)
Ben al jaren amateur dichter en vind het leuk om met woorden te spelen. Het is voor mij een uitlaatklep, om mijn gevoel te laten spreken. Dit is iets wat ik het dagelijks leven enkel doe om te overleven :P Je zou mij als introvert kunnen beschrijven.

Filter Sorteer

illusie armer

Nooit gedacht dat ik als kleine zusje, jou zou ontgroeien.
Dat het nu noodzaak blijkt om je met jou leven te bemoeien.
Toen ik klein was, was jij mijn wereld, ik keek tegen je op.
Alles wat jij deed, wat je zei of waar je heen ging, het was top!
Je koos voor een leven met huisje, boompje, beestje, zoals een echt gezin.
Al snel zag ik het plaatje veranderen en dat nare gevoel is iets wat mij niet ontging.
Er was steeds meer afstand, steeds minder woorden en uiteindelijk amper nog contact.
Geen glimlach, geen geluk, geen plezier maar strijd, krassen en pijn.
Elk feestje eindigde hetzelfde: discussie, ruzie en er vloeide nog meer wijn.

Er viel geen gesprek meer te voeren, ik realiseerde mij " iedereen is jou allang kwijt'.
Zelfs je kinderen hebben gekozen en vinden het nu de hoogste tijd.
De droom is ingestort, de illusie is verdwenen, de realiteit is hier.
De werkelijkheid is niet te ontkennen, ook niet meer met wijn of bier.
Het gaat voorgoed veranderen, de kinderen gaan weg.
Het kan ook niet anders, dit behoeft geen verdere uitleg.

Bekijk

Niet te duiden...

Alles is zo licht en zo donker.
Onze vriendschap was warm, hecht, een wonder.
Alles voelde zo compleet en nu totaal verloren.
Dingen die je tegen mij zei, kon ik niet altijd verdragen of horen.

Alles is het hetzelfde en zo anders.
Ik zag jou zoals niemand van de omstanders.
Alles is zo nieuw en tegelijkertijd zo oud.
Leven zonder jou maakt me soms kil en koud.

Alles om mij heen staat stil en gaat maar door.
Net zoals jij, jouw stem klinkt in mijn gedachten aldoor.
De wereld om mij heen was rustig maar nu chaotisch.
Jouw bijzondere leven was zowel magisch als tragisch.

Nu is alles in mij zo zwart of juist zo wit.
Ik begreep niet dat jij zo diep zat in de shit.
Alles in mij wilde je helpen maar ook juist loslaten.
Nu is het voorbij, want jij hebt plots besloten deze wereld te verlaten.

Bekijk

Bloempje

Er is een bloem die wat anders bloeit.
Ze is een klein beetje scheef gegroeid.
Niet onaangenaam maar wat vreemd.
De bloem lijkt iets wat ontheemd.

Ik herken de vorm, de kleur en het gevoel
Alsof ze niet zeker is van haar doel.
Ondanks dat de bloem niet alleen staat,
Lijkt het alsof het niet helemaal goed gaat.

De bloem herinnert mij aan iedereen die er niet bij past.
En toch is het de aanblik en het gevoel wat mij verrast.
Ik zie iets unieks, iets moois, een sterke kracht.
Het maakt me teder, het maakt me zacht.

De witte en roze blaadjes die stiekem schitteren
Door de aanblik met het zonlicht, lijkt het te glitteren.
Al is ze niet recht of groot en verre van perfect.
Dit is zoals ze is en dit beeld is correct.

Bekijk

Ik ben een beetje jou

Ik ben een beetje van mezelf en een beetje van jou.
Al ben je al lang weg, weet dat ik veel van je houd.
Jij zult altijd bij mij zijn, want jij bent ik.
Soms denk ik je te zien, een seconde, moment of ogenblik.
Jij bent een deel van mij, waardoor jij verder leeft.
Al zie ik het niet meer, ik weet dat je nog steeds veel geeft.
Het gemis is niet minder geworden, maar wel draagbaar.
Gaandeweg met alle herinneringen die ik nu vergaar.

Bekijk

Weet jij het beter?

Waarom al dat gratis advies?
Dat is niet waar ik voor kies.
Weet jij daadwerkelijk alles beter?
Voor mij ben je echt een betweter.
Wie heeft jou om een mening gevraagd?
Het is niet dat het iets bijdraagt.
Wanneer houd je er een mee op?
Wat mij betreft kun jij de pot op.
Waar is de realiteit bij jou gebleven?
Jouw woorden blijven bij niemand kleven.
Heb je je ooit weleens afgevraagd wat dat met anderen doet?
Je helpt er niemand mee, het is niet goed.
Diegene die het beter zou weten, wist dit.
Maar dat zou impliceren dat je meerdere hersencellen bezit ;P

Bekijk

Geef niet op!

Geef niet op, recht je rug en ga door.
Jij leidt de weg, jij gaat allen voor.
Je zult vaker vallen, maar zal altijd opstaan.
Deze keer zal het echt beter gaan.
Werk hard, zet door en geef niet op.
Je weet wat je wilt, je kent geen stop.
Je zult je doelen echt gaan bereiken, het zal lukken.
Binnenkort ga jij daar zelf de vruchten van plukken.

Bekijk

De vos en de wolf

Al jarenlang waren zij elkaars beste maatje.
Samen op jacht, samen spelen, ze waren een bijzonder paartje.
Al had de vos soms andere voorkeuren dan de wolf,
samen waren zij magisch, onverslaanbaar als een vloedgolf.
De vos was slim, sierlijk, snel en ietswat schuw.
Ondanks haar lengte stond zij nooit in de wolf haar schaduw.
De wolf was dapper, soms iet te goedlachs en loyaal.
Altijd in voor avontuur en een nieuw verhaal.

Al was de vos soms even zoek of toevallig net niet thuis,
de wolf wist: ze komt uiteindelijk wel weer thuis.
Ze waren samen al in vele bossen geweest.
Zo veel gevechten gewonnen, soms werden ze zelfs gevreesd.
Niets of niemand kon hen stoppen, niets hield hen tegen.
Ze waren gewaagd aan elkaar en zeker niet verlegen.

Ze kenden de wegen op hun duimpje.
Elk blaadje, elk paadje en ja, zelfs ieder konijnenpluimpje.
Ze renden en renden, totdat ze bij 'het einde' waren.
Daar konden ze samen uren in de diepte staren.
Wat was daar aan de andere kant van 'het einde' in de diepte?
Dat was een terrein waar de wolf zich liever niet in verdiepte.

Ze kwamen vaker terug op dit punt,
ook toen de wilde haren al wat waren uitgedund.
De wolf aanschouwde het, maar de vos wilde erheen.
De vos wist: als ik ga, dan ga ik alleen.
Ze spraken samen over deze plek: 'het einde'.
Alsof deze plek naar de vos lonkte en seinde.
Het zinde de wolf niet en zij wilde de plek niet meer bezoeken.
De wolf wilde graag andere bestemmingen in de buurt zoeken.

Steeds vaker was de wolf weer terug bij haar eigen roedel.
Al meer dan eens had ze staan wachten op de vos voor Jan Doedel.
De vos deed steeds meer haar eigen ding en bezocht steeds vaker 'het einde'.
Op een gegeven moment zagen de vos en de wolf elkaar nog maar soms in het weekeinde.

Op een doodgewone dag voelde de wolf dat de vos was heengegaan.
Ze was niet zomaar even weggegaan; ze was hier ver, ver vandaan.
De vos was naar 'het einde' gelopen en had de sprong gewaagd.
De vos had het gewoon gedaan, niets overlegd of gevraagd.

De wolf kon het niet geloven, niet bevatten wat er nu was gebeurd.
In haar dromen zei de vos: 'Ik heb 't goed nu, wees niet getreurd.'
Ze vertelde zelfs dat ze al die tijd liever geen vos had willen zijn.
De wolf had het niet geweten of gezien, al haar verdriet en haar pijn.
Door de sprong was ze verlost, nu eindelijk echt vrij.
De bijzondere tijd tussen de vos en wolf blijft haar altijd bij.

Bekijk

De kronieken van de wezeltjes deel 3

De tijd reikt zover dat papa en mama wezel aangekomen zijn bij het einde van hun leven.
Ze zijn op, hebben hun tijd gehad, kunnen niet meer en hebben alles gegeven.
Maar wie zorgt er nu voor hun dochter, die verzorgd wordt en gehecht is aan alles hier?
Straks gaat het helemaal mis en wordt ze misschien zelfs opgegeten door een wild dier.
Papa en mama wezel verlaten deze wereld en er wordt afscheid genomen.
Zoonlief zegt gedag en zijn zusje heeft het gevoel dat haar alles is ontnomen.

Haar broer wil niet voor haar zorgen en zoekt een opvangplaats voor 'ongelukkige wezels'.
Er zitten allerlei soorten, ook loensende zoals zij, maar er zitten ook kwezels.
Ze wil hier niet naartoe, wil hier niet zijn en wil niet blijven, maar ze weet dat het moet.
Ze denkt terug aan haar gouden leven als ze daar zit en jammert: 'Jeetje, wat had ik het toen toch goed.'

In het begin komt haar grote broer zo nu en dan nog weleens op bezoek.
Totdat hij de laatste keer van de opvang vertrok, met een hoop getier en gevloek.
Toen kwam niemand meer langs en kroop de tijd voorbij.
Iets wat zij zich nooit eerder had afgevraagd was: 'Ligt het misschien aan mij?'.
In onwetendheid blijft zij wachten, eenzaam tot haar tijd gekomen is.
Ze slijt haar tijd alleen, tergend langzaam en in droefenis.

La Fin.

Bekijk

De kronieken van de wezeltjes deel 2

Vader wezel weet niet wat het is, maar hij voelt iets van binnen; iets is er niet pluis.
Ligt het aan hem, zijn taken, zijn leeftijd of is het misschien wel het te kleine huis?
Hij besluit op zoek te gaan naar een nieuw onderkomen en heeft een prachtig kasteel ontdekt.
Het biedt alles wat zijn gezinnetje nodig heeft: een tuin, een terras, iedereen een eigen slaapkamer, het is perfect.

Vader wezel wil graag op deze onbekende plek met zijn gezin opnieuw beginnen.
Hij wil weer vrolijk zijn en samen met zijn vrouw en kinderen het van geluk uitzingen.
Moeder wezel ziet het al van mijlenver aankomen en stemt gedwee in met de verhuizing.
Ze weet dat ze 'haar stiekeme liefde' niet meer zal zien en kijkt droevig naar haar trouwring.

De kinderen en vooral moeder moeten erg wennen, maar vader is in zijn nopjes.
Hij is zelfs zo vrolijk, hij lacht, hij geniet en vertelt iedereen die het horen wil grappige mopjes.
Moeder wezel moet haar best doen, heeft zichzelf voorgenomen om er iets van te maken.
Ze richt zich op nieuwe dingen en ontwikkeld hobby's zoals tuinieren en schaken.

De kinderen hebben hun plekje gevonden en worden al snel volwassen.
Ze hebben het best okรฉ en best fijn; ze weten zich aan te passen.
Tot de donkere dag daar is gekomen en het noodlot heeft toegeslagen.
Het doet zo veel pijn dat het bijna niet is te verdragen.
De jongste zoon is verdronken tijdens een reisje met zijn moeder.
Zowel mama als papa wezel voelen zich verloren en gefaald als opvoeder.
Het niet zo snuggere zusje heeft haar lievelingsbroer verloren.
Aan haar oudste broer heeft ze niets; ze kunnen zich enkel aan elkaar storen.
Zelfs nu kunnen ze niet met elkaar praten, begrijpen elkaar niet; dit deden zij eerder ook nooit.
Deze donkere gebeurtenis heeft het leven van de wezeltjes overhoop gegooid.

Mama wezel kan het niet aan en raakt verslaafd aan het eten van bepaalde paddenstoelen.
Dan hoeft ze de intense pijn van het gemis van haar zoon even niet te voelen.
Papa wezel weet niet wat hij moet doen en verstopt zich in de jacht naar proviand.
Hij wil het niet voelen; hij is bang dat hij door verdriet wordt overmand.
De oudste zoon, nu de enige, gaat weg en verhuist terug naar het magische bos.
Anders kan hij niet verder met zijn leven; het laat hem daar niet los.
Zijn zusje is verdrietig, maar snapt er eigenlijk maar erg weinig van.
Er gebeurt zo veel in haar leven, dingen die ze eigenlijk niet begrijpen kan.

Steeds ouder en ouder worden alle overgebleven wezeltjes.
Het zusje woont nog steeds thuis, want dat vindt ze lekker knus.
Papa en mama wezel zijn ondanks alles nog steeds samen.
Al is er niet veel over van wat er ooit was, ze doen wat hen betaamt.
Papa wezel begrijpt niet goed waarom hun dochter toch zo is zoals ze is.
Er is iets niet helemaal in orde, er is iets geks met haar, maar wat is er toch mis?
Papa, mama en dochterlief bezoeken hun nu nog enige zoon in het magische bos.
Hij woont daar prachtig, in het huisje onder het fluweelzachte groene mos.
Zijn ouders kijken met trots naar hem op en gezamenlijk proosten ze op het leven.
Maar een liefdevolle knuffel is iets wat de broer zijn zus maar niet lijkt te kunnen geven.
Niemand weet waar dit vandaan komt, behalve moeder wezel.
De waarheid knaagt aan haar, tot in het diepst van haar vezel.
Dit geheim zal nooit uitkomen, want zij neemt het mee tot in haar graf.
Ze kan het niet zeggen, ze kan zich niet uiten en vindt zichzelf maar laf.

Bekijk

De kronieken van de wezeltjes deel 1

Er waren eens 5 wezeltjes: papa, mama, de oudste broer, het middelste zusje en het jonge broertje.
Vader was dol op zijn kroost en verwende mama wezel weleens zomaar met een parelsnoertje.
Ze verbleven in een magisch bos, in het holletje van een verdwaalde muis, de eerdere bewoner.
De wezels waren zoals ieder ander, niets geks, niets vreemds en op het oog niets ongewoner.
Toch was er iets opmerkelijks aan de hand in dit gezin....
Daarvoor moeten we terug naar het allerbegin.

Papa en mama wezel waren na hun eerste ontmoeting smoorverliefd.
Dat ze niet veel later trouwde, was in het magische bos zo doorgebriefd.
Al snel was er een eerste kindje geboren, een gezonde zoon, net als zijn vader.
De jongen zat vol energie, groeide en groeide en werd steeds groter en zwaarder.
Papa wezel was veel op pad voor voeding, kleding en was op zoek naar een groter huis.
Mama wezel gaf aandacht, tijd en liefde, maar was wel veel alleen thuis.

Hun zoon at enkel zeldzame eieren, waardoor vader langer moest zoeken en langer wegbleef.
Mama wezel was blij met haar zoon, maar haar gevoel van eenzaamheid steeg.
Dit verliep zoals het ging en werd het nieuwe patroon van het gezin.
Maar bij mama wezel groeide er onvrede vanuit haar hart, van binnen in.

Er werd gefluisterd dat er een vrijgezelle wezel rondliep in het bos, op zoek naar gezelschap.
Hij loensde een beetje, was niet de snelste of de slimste en eigenlijk ook helemaal niet knap.
Mama wezel had over hem gehoord en ontmoette hem; ze raakten op elkaar gesteld.
Ze hield zelfs stiekem een kalender bij, waarop ze dagen dat papa wezel op pad is aftelt.

Papa wezel had niets in de gaten en was trots op zijn vrouw, zijn zoon en zichzelf.
Hij moest wel heel hard werken, maar verder ging zijn leven toch eigenlijk vanzelf.
Papa en mama wezel wilde samen nog een kindje, zeiden ze tegen elkaar.
Papa wezel was druk in de weer en maakte samen met mama wezel de babykamer klaar.
Na vijf weken was ze dan geboren; het was een dochter, hun kleine meisje.
Wat leken ze toch blij en samen zo gelukkig in hun misschien iets kleine paleisje.

Wel gek, het meisje zag er een beetje anders uit dan haar broer; ze loensde een beetje.
Ze was niet erg snel en niet zo slim, maar dat maakte papa wezel niet uit, want zij was zijn trofeetje.
Mama wezel was niet ongelukkig met papa wezel, maar ze wilde meer.
Ze snakte naar haar loensende wezel en sprak stiekem af, keer op keer.
Als vanzelf verstrijkt de tijd en werden de kinderen steeds groter en ouder.
Haar hart voor papa wezel en de kinderen is liefdevol, maar werd steeds een beetje kouder.

Papa wezel heeft de beste speurneus van het bos en haalt zijn delicatessen van ver.
Wat is het toch een hele man zo; zijn chique blouse past perfect bij zijn nette colbert.
Papa wezel lijkt zijn geluk niet op te kunnen, want mama wezel bevalt van een jongen.
Wat is hij schattig, lief en klein, ook al loensen zijn oogjes wat en is hij wat gedrongen.
Het maakt mama en papa wezel niet uit, want ze zijn gelukkig en compleet.
En het geheimpje is iets wat alleen mama wezel weet.

De kinderen worden groter en groter en gaan naar de speciale wezelschool.
De oudste is zeer getalenteerd, kan daadwerkelijk alles en speelt zelfs viool.
Het meisje doet wat haar gevraagd wordt, maar begrijpt niets van school.
De andere wezels pesten haar en noemen haar zelfs 'mongool',
De jongste behaalt zijn diploma, al is het met de hakken over de sloot.
Maar hij gaat door met opgeheven hoofd en houdt zich groot.

Bekijk

Een klein vogeltje keek angstig naar buiten uit het raam.
Als zij daar zou vallen, zou ze dan weer op kunnen staan?
Het kleine vogeltje durfde met haar puntige snaveltje niet te fluiten.
Ze was zelfs een beetje bang voor haar eigen reflectie in de ruiten.

Het kleine vogeltje zag zichzelf niet; ze was vooral gefocust op alle anderen.
Ze dacht dat zij de touwtjes in handen hadden en de wereld zouden veranderen.
Het kleine vogeltje bleef zitten waar ze zat, daar in het kleine huisje.
Doordat ze zo onopvallend en stil was, leek ze eerder op een muisje.

De tijd verstreek en het vogeltje groeide en groeide en werd almaar groter.
Ze kreeg een prachtige glans over haar veren en werd zelfs een klein beetje trotser.
Zou ze nu wel durven vliegen, misschien zelfs naar plekken die ze niet kende?
De wereld lonkte naar haar en zei: Ga met mij mee naar het onbekende'.

Het inmiddels niet zo kleine vogeltje spreidde haar vleugels en vloog zo ver als ze kon.
Ze vloog verder dan ze ooit geweest was en dit is waar haar nieuwe leven begon.
Ze zag dingen die ze nooit eerder gezien had, zong met soortgenoten en at smakelijke insecten.
Ze vloog door bloemenvelden, boomgaarden en zag hoe de sterren de nacht toedekten.

Na een behoorlijke tijd vloog ze terug naar het huisje, maar het paste niet meer.
Bij binnenkomst beschadigde ze haar vleugel en dat deed even zeer.
Ze was het huisje ontgroeid, het was te klein, het hoorde niet meer bij haar.
Wanneer ze voor de allerlaatste keer uitvliegt, kijkt ze nog eenmaal om en is ze erg dankbaar.

Bekijk

ik, jij, zij & wij

Ik doe, ik denk, ik zie, ik ervaar, ik leef.
Ik voel, ik ga, ik neem, ik hoor, ik geef.

Jij schenkt, jij pakt, jij weet, jij luistert.
Jij verzorgt, jij komt, jij gaat, je praat, je fluistert.

Zij kijken, zij wijzen, zij zeggen, zij zien.
Zij helpen, zij verwarmen, zij omarmen, zij doorzien.

Wij hebben lief en komen & gaan alleen.
Wij zijn wie we zijn en zijn samen รฉรฉn.

Bekijk